|
opbouw
Een bestemmingsplan bestaat uit drie onderdelen. Regels (voor 1 juli 2008 werden dit de voorschriften genoemd), een verbeelding (voorheen de plankaart) en een toelichting.
In de toelichting wordt gemotiveerd waarom sprake is van een goede ruimtelijke ordening en worden de regels en de verbeelding uitgelegd. De regels en de verbeelding zijn de bindende onderdelen van het bestemmingsplan. Op de verbeelding wordt de precieze bestemming aangegeven. Per bestemming worden in elk geval regels gegeven met betrekking tot de functie of het doel van de gronden, het bouwen, en het gebruik.
uniforme regels
In Nederland zijn regels afgesproken over de naamgeving en opbouw van de regels en hoe deze worden verbeeld. Dit alles om bestemmingsplannen beter te kunnen vergelijken en ze ook digitaal uitwisselbaar te maken.
Wilt u hier meer over weten, klik dan hier.
toetsing
Als u iets wilt bouwen, dan moet u bij uw gemeente informeren of dat wel past binnen de regels van het bestemmingsplan. Past dat niet, dan moet het bestemmingsplan worden herzien; er moet een nieuw bestemmingsplan worden vastgesteld door de gemeente of een projectbesluit worden genomen. De gemeente weegt eerst af of ze medewerking kan en wil verlenen.
Klik hier voor meer informatie over herziening, ontheffing en projectbesluit.
vastleggen en ontwikkelen
Een bestemmingsplan heeft twee functies; een functie om dat wat er is vast te leggen, beheersen en een tweede functie om iets nieuws mogelijk te maken. Als een initiatiefnemer (dat kan de gemeente zelf zijn, maar bijvoorbeeld ook een burger of een commerciële projectontwikkelaar) ergens iets wil gaan ontwikkelen, dan moet dit eerst in een bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt. Voor het herzien van een bestemmingsplan moet een procedure worden doorlopen. De gemeente kan ook een projectbesluit nemen. Het geldende bestemmingsplan wordt dan als het ware (gemotiveerd) terzijde geschoven.
Als er geen ontwikkelingen zijn, legt het bestemmingsplan de ruimtelijke situatie ‘vast’. Om te voorkomen dat voor kleine 'ontwikkelingen' zoals bijvoorbeeld het uitbreiden van een woning steeds een herziening van het bestemmingsplan nodig is, worden in bestemmingsplan al bouwmogelijkheden gegeven, afgestemd op wat in de situatie ter plekke ruimtelijk toelaatbaar is. |